Naar de inhoud

Onderwerpen Voor de rit

Voor de rit

Aankoppelen

Lees eerst de les, of ga meteen naar Oefenen.

Leren

  1. Een veilige volgorde

    Instructeurs leren je eerst te zorgen dat niets kan rollen: de aanhanger op zijn handrem, de auto ook. Dan zet je de koppeling op de kogel en controleer je of hij vastzit, voordat je de losbreekkabel, de stekker en het neuswiel doet. Als laatste gaat de handrem van de aanhanger los en loop je de lichten na.

    Advies van instructeurs. Een werkwijze uit de rijles, geen regel uit de wet of van het CBR.

  2. Zit hij echt vast?

    Kijk eerst naar de aanwijzer op de koppeling, als die er een heeft. Laat dan het neuswiel zakken tot het de dissel omhoog drukt: komt de auto achter mee omhoog, dan zit de koppeling goed om de kogel. Draai het neuswiel daarna helemaal in.

    Advies van instructeurs. Een werkwijze uit de rijles, geen regel uit de wet of van het CBR.

  3. Wat de regels van de koppeling vragen

    De aanhanger hangt aan één passende koppeling die geborgd is en niet kan lostrillen, zodat hij zo weinig mogelijk opzij uitwijkt. Alle speling in de verbinding samen is hoogstens 3 mm. Staat de combinatie op een vlakke weg, dan ligt de koppeling horizontaal of bijna horizontaal.

  4. Losbreekkabel en hulpkoppeling vastmaken

    De losbreekkabel maak je vast aan een vast deel van de auto of aan het oog aan de trekhaak dat daarvoor bedoeld is. Hij mag pas in werking komen als de koppeling losgeraakt is. Een hulpkoppeling maak je op dezelfde manier vast, zodat ook die pas trekt na het losraken.